Schaamte.
Schuld.
SS.
Ge zijt verslaafd. Ge voelt het, maar ge wilt het niet weten. Dagen gaan voorbij, dagen waarin vanalles gebeurt, dagen waarin uw vrouw leeft en uw kinderen groot worden. Dagen die gij mist, door urenlang een spelletje van 'run' en 'escape' te spelen. Ge voert oorlogje met Argentijnen, Chinezen, Nederlanders, ge smeedt banden met hen, en ons vergeet ge.
Ge schaamt u.
Ge voelt u schuldig.
Ge grommelt dat vakantie hier in huis niet welkom is, werken, studeren, uw boterhammen smeren, en dan nog. Dat werken is maar overbodig, best staan wij ten alle tijde tot uw dienst. Pintje? Graag. Kipfilet, lekker gebraden? Natuurlijk. Allemaal uit de hand.
Dat ge ons in de steek laat en er zelf niets aan doet, dat vreet aan u en daarom meent gij ons te commanderen als zat gij nog in't leger; ge verwijt ons reeds 3 weken met een plan rond te lopen en er niets mee te doen, terwijl ons huis al meer als 10 jaar in verbouwingen staat.
Wij houden wijselijk onze mond, want een tweetal jaren terug hebt ge ons laten voelen wat er gebeuren zal als wij niet luisteren en zeggen wat er in onze hoofden al maandenlang speelt. Ge hebt u dat goed bekeken, wij angstig, gij de baas, controle, controle. Controle. Zo geeft ge uzelf het gevoel dat ge toch niets mist.
En dan staan wij daar,
verdwaasd,
beduusd,
kwaad,
verward,
alsof wij nooit,
maar dan ook
nooit,
iets goed zullen kunnen doen voor u.
Kus mijn dikke reet.