Gij, met uw poppengezicht, ogen vol honing. En uw goed hart, dat ge vanbuiten op uw truitje draagt. Kijk eens hier. Maar ik ben verborgen. Roept ge. Kijk, ge kunt alles zien, maar zeg eens, ge weet eigenlijk toch niet waar het om draait bij mij. Zeg het mij. De muren die ge rondom u optrekt, zijn slechts kartonnen borden, ter decoratie dienend voor uw dagelijkse schouwspel waarmee ge iedereen om uw vinger windt.
Maar ge hoeft mij niet langer te dulden als uw mislukte Jan Klaassen, ik laat het doek vallen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten